Na easyJet en KLM heeft ook spoorbedrijf Arriva deze zomer te kampen met stakingen vanwege vastgelopen cao-onderhandelingen. Arriva meent dat de (aangekondigde) stakingen door conducteurs en machinisten buiten proportioneel zijn, maar stapt vooralsnog niet naar de rechter. Biedt het opstarten van een (kort geding) procedure uitkomst in zo’n geval? KLM dwong deze maand – samen met Schiphol – immers succesvol een verbod op collectieve actie af tegenover FNV, en werd zowel door de voorzieningenrechter als het Gerechtshof Amsterdam in het gelijk gesteld.

Toch vormt de gang naar de rechter niet altijd een oplossing voor (het beperken van) collectieve acties. Het recht op het voeren van collectieve actie (waaronder staken) is neergelegd in artikel 6 lid 4 Europees Sociaal Handvest (‘ESH’). Deze bepaling heeft volgens de Hoge Raad rechtstreekse werking in Nederland en ten doel het waarborgen van doeltreffende uitoefening van het recht op collectief onderhandelen. Nu dit recht als sociaal grondrecht wordt gezien, hebben vakbonden in beginsel veel vrijheid in de keuze welk (actie)middel zij gebruiken om hun doel te bereiken. Uitgangspunt is daarbij dat de bestaakte werkgever de collectieve acties moet dulden en de (financiële) gevolgen voor haar rekening en risico komen.

Als er wordt gestaakt (of op een andere manier collectief actie wordt gevoerd) in de zin van artikel 6 lid 4 ESH, kan dit recht alleen in uitzonderingsgevallen worden beperkt met een beroep op artikel G ESH. De bestaakte werkgever moet daarvoor aannemelijk maken dat beperkingen aan het recht op collectieve actie maatschappelijk gezien dringend noodzakelijk zijn. KLM slaagde er samen met Schiphol in aannemelijk te maken dat de combinatie van grote vakantiedrukte en de huidige terreurdreiging in dit geval een (tijdelijk) verbod op collectieve werkonderbrekingen rechtvaardigde. Het is echter maar zeer de vraag of Arriva ook een succesvol beroep op artikel G ESH kan doen. Het is allerminst zeker of een rechter in de situatie van Arriva vakantiedrukte, terreurdreiging en/of andere bijzondere omstandigheden ziet als omstandigheden die maken dat beperkingen maatschappelijk gezien dringend noodzakelijk zijn.

Wat kan Arriva dan doen om eventuele schade door stakingen te beperken?

Als Arriva weet van aangekondigde acties, kan zij ander personeel inzetten om de werkzaamheden uit te voeren van de stakende werknemers – mits het ‘eigen’ personeel is dat reeds op de loonlijst staat. In een recente uitspraak heeft de voorzieningenrechter Noord-Holland bevestigd dat deze (door easyJet toegepaste) constructie niet in strijd is met het zgn. “onderkruipersverbod” van artikel 10 Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs. Het onderkruipersverbod beoogt te voorkomen dat met de inzet van uitzendkrachten de effectiviteit van het stakersmiddel wordt ontnomen, en verbiedt alleen de inzet van personeel dat nog geen kostenpost voor de ondernemer vormde vóórdat de behoefte aan inzet ontstond.

Vanzelfsprekend is de inzet van eigen personeel bij stakingen – afhankelijk van de omvang van de onderneming – niet voor iedere ondernemer haalbaar. Wij denken graag mee over op maat gesneden oplossingen in verband met stakingen of andere arbeidsrechtelijke onderwerpen. Voor vragen of advies kunt u contact opnemen met Aernout Zappey (aernoutzappey@levenbach.nl) of Marloes Eefting (marloeseefting@levenbach.nl).

Share →

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *